Nieuwjaarsdag

Een nieuwjaar, een nieuw begin.
Eigenlijk is 1 januari zomaar een dag, maar om dat
ooit is afgesproken (bepaald) dat op deze dag het
nieuwe jaar begint doen we dat dus maar met zijn
allen. (Bijvoorbeeld 400 jaar geleden begon het nieuwe
jaar op 1 maart Bij (religieuze) culturen met een maan
kalender is het anders. Daar begint het nieuwe jaar bij
een bepaalde maanstand (bijvoorbeeld de eerste nieuwe
maan na het wintersolstitium ( als de aarde
het verst van de zon staat)).
In ieder geval feest voor het plezier, knallen tegen de
slechte geesten en goede voornemens voor de vorm!

Nieuwjaar is het feest van de toekomst.
Voor je ligt een heel leeg jaar dat je in je fantasie
kunt vullen met de mooiste plannen. Volgens de
christelijke kalender is één januari nu de eerste dag
van het nieuwe jaar. Dat is niet altijd zo geweest. Andere
begindata waren bijvoorbeeld 25 december, 1 maart,
25 maart en 1 september. Het is maar wat je afspreekt.
Toch voelen de meeste mensen dat ze op 1 januari
met iets heel nieuws, spannends, moois beginnen.
Het is de allereerste dag om goede voornemens uit te
voeren: niet meer roken, minder eten, meer sporten
en een beetje aardiger zijn voor elkaar.

Op
nieuwjaarsdag gaan veel mensen bij elkaar
op nieuwjaarsvisite. De straten zien rood van het
afgestoken vuurwerk. Op de tv klinkt het
nieuwjaarsconcert en bij de koffie worden koude oliebollen
van gisteren geserveerd. Je wenst elkaar veel geluk en
iedereen stuurt iedereen een kaart. De postbodes
beginnen het jaar dus met stress.

In
sommige andere landen en bij volken met een
andere kalender is het op een andere datum
nieuwjaar. Chinezen bijvoorbeeld vieren hun
nieuwjaarsdag later in januari of in februari. Joodse
mensen vieren het in september of oktober. Omdat
een islamitisch jaar elf dagen korter duurt dan een
christelijk jaar valt het nieuwjaar van de moslims steeds
op een ander tijdstip. In het Midden-Oosten beginnen
moslims hun nieuwjaarsdag met kijken naar het
verschijnen van de maansikkel. Egyptische meisjes
krijgen snoepjes in de vorm van een meisje; jongens
krijgen snoepjes die een jongen op een paard
voorstellen. In Japan worden speciale gedichten
geschreven voor nieuwjaarsdag. Bijvoorbeeld: Ik hou
hem geheim mijn eerste droom in het nieuwe jaar
en lach in mezelf.

De geschiedenis
Vroeger werd het oud jaar uitgezongen en het
nieuwe jaar ingezongen. Nieuwjaar zingen kwam vroeger
in heel Nederland voor, en stamt af van de oude
Germaanse midwinterfeesten die duurden van
half november tot half januari.
Men probeerde de goden gunstig te stemmen opdat de
dagen na de kortste dag (21 dec.) weer langer zouden
worden. Tot ver in de vorige eeuw kwam het koenckelen
nog voor op Zuid-Beveland (Zeeland).
Het koenckelen was voorheen een verkapte vorm
van bedelen en werd gezien als een extraatje
bovenop de dagelijkse verdienste.
Nu gebeurt dit alleen nog op oudjaar, dan gaan de
kinderen van 4 tot ongeveer 12 jaar 's morgens langs
de deuren met hun koenckelpot en zingen hierbij
oudejaarsliedjes. In ruil voor hun gezang en muziek
krijgen ze dan wat geld of snoep.

Koenckelpot
De Koenckelpot, ook wel foekepot of rommelpot
genoemd, is een conservenblik bespannen
met een varkensblaas. In de blaas wordt een
bamboestokje ("Spaans rietje") vast gemaakt.
Door met een natte hand op en neer te bewegen
langs het stokje ontstaat een sonoor geluid.
Vroeger gebruikte men "Keulse" potjes,
gebakken en daarna geglazuurde potjes.

Lang geleden begon het nieuwe jaar bij het begin van
de lente, als de natuur weer tot leven kwam, of begin
januari, als de dagen beginnen te lengen. Bij de
invoering van het christendom wilde de Kerk een
eind maken aan de heidense gewoonten rond deze
nieuwjaarsviering, en riep 1 januari uit tot bid- en
boetedag om de besnijdenis van Jezus (8 dagen na
de geboorte) te vieren. Maar ook daarna vierde men
het nieuwe jaar nog rond de oude heidense data,
maar ook op Sint Maarten (11 november); de eerste
adventsdag; de zonnewende (rond 21 december); of Maria
Boodschap (25 maart). De Spaanse landvoogd Requesens
besloot in 1575 dat het nieuwe jaar officieel
op 1 januari begon.

De
Babyloniërs brachten rond 2600 v.C. een
koningsoffer. Ze meenden dat op nieuwjaarsdag
de koning het mikpunt van de goden zou zijn, dus
vervingen ze de koning tijdelijk door een slaaf of
een ter dood veroordeelde, reden hem als koning
rond en offerden hem tenslotte. Zo werd
het kwaad een jaar afgewend.

De
oude Germaanse oud en nieuw viering
werd in de winter gevierd, duurde 12 dagen
en nachten en heette 'joelfeest'. Het joelfeest
begon op 25 december, als de dagen gingen lengen, en
duurde tot 6 januari, het huidige Driekoningen. Rond
de 8e dag, ofwel 1 januari, was het hoogtepunt met
grote vuren, dierenoffers en veel eten en drinken. In
hedendaagse paganistische religies (o.a. Wicca)
wordt Yule gevierd rond 21 december.

Bij de Romeinen begon het nieuwe jaar op
1 maart, totdat Julius Caesar in 44 v.C. de Juliaanse
kalender invoerde, vanaf die tijd was nieuwjaar op
1 januari. De Romeinen offerden sindsdien op die dag
aan de god Janus (waarnaar januari is genoemd)
om hem mild te stemmen voor het aankomende jaar. Dit
begin van het jaar in maart komt nog tot uiting in de
namen van onze maanden september ("zevende maand"),
oktober ("achtste maand"), november ("negende maand")
en december ("tiende maand").

Op
1 januari wensen we iedereen het beste,
zodat we die wensen ook terug ontvangen. Vroeger
werd vooral geld gegeven. In de 19e eeuw liep
dat uit de hand, toen men wildvreemde
voorbijgangers geld probeerde af te bedelen met
berijmde nieuwjaarswensen en -prenten.
Schoorsteenvegers, vuilnisophalers, straatvegers,
nachtwakers en lantaarnaanstekers verkochten hun
beste wensen; tegenwoordig zijn het de tijdschrift- en
krantenbezorgers die ons zo hun beste wensen
overbrengen, en zien we dit gebruik nog terug in het
sturen van kerst- en nieuwjaarskaarten, het geven
en bezoeken van nieuwjaarsrecepties, en de gewoonte
iedereen die men ontmoet het beste te wensen voor
het nieuwe jaar. In de laatste jaren is het gebruikelijk
geworden zich massaal in het open en dus koude
water te storten, meestal in of zonder zwemkleding,
maar ook in allerlei fantasie uitmonsteringen, dit gebruik
staat bekend als de nieuwjaarsduik.

(Weer)spreuken
'Met nieuwjaar lengt de dag
zolang het haantje kraaien mag.'
'Nieuwjaarsnacht schoon/rein en
klaar beduidt een vruchtbaar jaar.'
'Schijnt de zon op dag van nieuwjaar,
dan wordt het een goed appeljaar.'
Oostenwind op 1 januari betekent veeziekten,
westenwind de dood van een koning,
zuidenwind besmettelijke ziekten
en noordenwind een vruchtbaar jaar.

Om
klokslag 12 uur begint het nieuwe jaar,
er wordt dan ter viering van het nieuwe jaar
op grote schaal vuurwerk afgestoken en
champagne gedronken. Een alternatief voor
vuurwerk is carbid; het carbidschieten is vooral
in het noorden en oosten van Nederland in gebruik.

Alle informatie over
Oud en Nieuwjaar
Het vuurwerk
Het Chinees Nieuwjaar
Het Joods Nieuwjaar
Oudejaarsavond
Vadertje Tijd
Oudejaarsconference
Wetenswaardigheden over oud en nieuwjaar

